


|
Umpiretraining De Volewijckers woensdag
2 mei 2007
door Jos van der Lelie
Op woensdag 2 mei 2007 hebben we met de spelers en speelsters
van de aspiranten een umpiretraining gehouden voor het leiden van pupillenwedstrijden.
Daarbij zijn verschillende basistechnieken en “weetjes” aan de
orde gekomen.
Uiteraard is het heel moeilijk om alles meteen te onthouden en om straks bij
een wedstrijd in alle situaties meteen goed te handelen.
Daar heb je ervaring voor nodig; je wordt beter naarmate je meer wedstrijden
leidt.
Om jullie daarbij een beetje te helpen, maar uiteraard ook voor andere belangstellenden,
geef ik hieronder een korte beschrijving van wat we woensdagmiddag hebben
besproken en geoefend.
Het was erg leuk om de training te verzorgen en ik ga ervan uit dat we er
in de toekomst een vervolg aan geven.
Ik wens jullie veel plezier bij de wedstrijden.
Jos
Inleiding
Wat heeft een umpire nodig?
We beginnen met een korte opsomming van wat een umpire nodig heeft.
Daarmee bedoel ik niet de materialen, maar de kennis en karaktereigenschappen.
Ik kom tot het volgende lijstje:
-
Kennis van de regels
Elke scheidsrechter, bij welke sport ook, moet uiteraard de spelregels kunnen
toepassen.
Kennis van de regels is dan ook erg belangrijk.
Wanneer je spelers de vraag stelt of ze wel eens het spelregelboekje hebben
bekeken krijg je in verreweg de meeste gevallen “nee” te horen.
Zelfs op het allerhoogste niveau zijn er spelers en coaches die nog nooit
de spelregels hebben gelezen en die sommige regels niet kennen.
Eigenlijk zou elke speler en coach de regels moeten leren.
Vroeger had bijna niemand direct toegang tot de honkbal of softbal spelregels.
Je moest dan een spelregelboekje bestellen bij de bond, maar dat deed bijna
niemand.
Tegenwoordig geldt dat excuus niet meer.
Via internet is alle informatie beschikbaar.
Kijk eens op www.knbsb.nl in het menu Servicecorner bij
Downloads.
Daar vind je de spelregels en de reglementen.
Voor de jeugdwedstrijden staan er belangrijke regels in het Reglement
van wedstrijden jeugd 2007.
Dus kids: als je weer eens wilt msn’en, ga dan Mijn
Spelregels Nakijken! En doe er je voordeel
mee op het veld!
-
Kennis van het spel
Hiermee bedoel ik iets anders dan kennis van de regels.
Met kennis van het spel bedoel ik dat je weet wat er in het veld kan gebeuren.
Als een geslagen bal door een veldspeler wordt gefield moet je weten waar
de bal naartoe kan worden gegooid.
En als een aangooi doorschiet moet je er op bedacht zijn dat de loper door
kan gaan naar een volgend honk.
Als je dat niet weet dan wordt je met een actie verrast en kan je geen goede
beslissing nemen.
-
Kennis van de methodiek
De methodiek van de scheidsrechter is de plaats waar je als scheidsrechter
moet staan, hoe je moet lopen en hoe je beslissingen neemt.
Als je bij een close play op een te grote afstand staat kan je vaak niet
goed zien wat er gebeurt.
Je moet altijd proberen zo dicht mogelijk bij een actie te komen en een
goede kijkhoek te krijgen, zodat je bijvoorbeeld niet tegen de rug van een
loper aankijkt waardoor je een tikactie niet kan zien.
-
Rust
Hiermee bedoel ik dat je als umpire geen haast moet hebben bij het nemen
van een beslissing.
Een valkuil voor de beginnende umpire is te snel een call maken.
Je kan pas een beslissing nemen over een worp (slag of wijd) of een actie
(in of uit, goed of fout) als de actie geweest is.
Je kan er nog niets van zeggen zolang de actie nog aan de gang is.
Leer dus om er (even) de tijd voor te nemen.
-
Zeker en duidelijk overkomen
Spelers en coaches willen bij een actie een beslissing horen en jij moet
die als umpire nemen.
Spelers en coaches verwachten dat van jou, want daarom ben jij de umpire.
Je mag je dan ook duidelijk laten horen en je moet daarbij zeker overkomen.
Spelers en coaches willen dat jij de wedstrijd goed leidt en niet dat je
onzeker bent.
Al deze punten heb je natuurlijk niet meteen “in huis”.
Het kost tijd en ervaring om dat op te bouwen.
Je moet dan ook niet bang zijn wanneer het in het begin eens fout gaat.
Je kan er immers aan werken om het te verbeteren!
Uitrusting van de umpire:
-
Kleding
Hier hebben we het woensdagmiddag niet over gehad, maar het is wel belangrijk.
Als clubscheidsrechter heb je natuurlijk niet de beschikking over echte
umpire kleding.
Toch kan je er zelf wel iets aan doen.
Het staat bijvoorbeeld niet goed om te scheidsrechteren in een korte, kleurige
bermuda.
Ook het dragen van het eigen honkbalpak is niet goed.
Het beste is om een gewone lange broek (bijvoorbeeld een spijkerbroek) en
een blauw T-shirt aan te trekken.
Bij kouder weer een blauw jack.
Heb je dat niet dan voldoet elke donkere kleur T-shirt of jack, maar liefst
wel zonder opdruk.
(Er zijn overigens verenigingen die in het clubhuis een aantal umpire shirts
en jacks heeft hangen…)
-
Bescherming
Altijd moet je alle bescherming gebruiken.
Dus: masker (met keelbeschermer!), bodyprotector, legguards en voor de heren
een toque.
Stap nooit zonder deze dingen achter de catcher!
-
Teller en borstel
Als het even kan altijd in ieder geval door de plaatscheidsrechter gebruiken.
Denk er daarbij aan dat je de teller in je linker hand houdt.
Je rechter hand blijft altijd leeg!
-
Zit achter de catcher
De plaatumpire zit dicht achter de catcher, zonder de catcher aan te raken,
met je kin ongeveer ter hoogte van de bovenkant van het hoofd van de catcher.
Je zit altijd aan de kant van de slagman, dus iets links van de catcher
bij een rechtshandige slagman en iets rechts van de catcher bij een linkshandige
slagman.
Zorg dat je de hele plaat kan zien wanneer je zo tussen de catcher en de
slagman door kijkt.
Zet je beide voeten iets gespreid naast elkaar, met de voet aan de kant
van de slagman iets (een half voetje) naar voren en de andere voet ongeveer
midden achter de catcher.
-
Timing/Slag-Wijd calls
Blijf helemaal stil zitten en blijf naar de bal kijken totdat de catcher
de geworpen bal heeft gevangen.
Pas dan kan je een beslissing nemen over slag of wijd. Nadat de catcher
de bal heeft gevangen kom je weer omhoog en roep je de beslissing af.
Bij een slagbal laat je duidelijk met je rechterarm een teken zien (met
gebalde vuist je arm omhoog).
Als je te vroeg omhoog komt, bijvoorbeeld als de bal de thuisplaat passeert
en nog niet is gevangen door de catcher, dan kom je onzeker over en maak
je meer foute beslissingen.
-
Goed-Fout calls
Ga bij een geslagen bal langs de lijn altijd op de foutlijn staan en doe
je masker af (met je linker hand).
Ook hier geldt weer: niet te snel een beslissing nemen.
Denk er aan dat een bal die op foutgebied rolt en voor het honk weer naar
goed gebied rolt zonder aangeraakt te worden een goede bal is!
Wacht dus tot de bal stil ligt of wordt aangeraakt!!!
-
Calls op de honken
Kom bij een geslagen bal, maar ook b.v. bij een steelpoging, altijd achter
de plaat vandaan, doe je masker af (met je linker hand) en loop zo veel
mogelijk naar de actie toe.
Sta wel weer stil voor de actie!
Stilstaand kan je een actie namelijk veel beter beoordelen dan wanneer je
in beweging bent.
Let hierbij wel goed op wanneer er meerdere honklopers zijn.
Je kan bijvoorbeeld niet naar het 1e honk meelopen wanneer je ook een loper
op het 3e honk hebt.
Door ervaring leer je steeds beter wat een goede positie is.
Veldumpire:
Het is fijn om een wedstrijd met twee umpires te leiden.
De taken kunnen dan worden verdeeld, waardoor er altijd een umpire dichter
bij de actie staat.
Je hebt ook steun aan elkaar, wat erg fijn is.
Hier wat meer informatie voor de veldumpire.
-
Plaats in het veld bij lege honken
Je staat ongeveer 5 meter achter het 1e honk, in ieder geval achter de 1e
honkman, op fout gebied. (Zie U1 in de tekening.)
-
Calls op de honken
Bij een geslagen bal in het binnenveld ga je een stukje het veld in, zodat
je dwars op de aangooi naar het 1e honk komt te staan.
Je hebt dan goed zicht op de actie bij het 1e honk.
Blijf altijd naar de geslagen bal kijken tot de veldspeler de bal heeft
gefield en aangegooid.
Zo weet je altijd wat er met de bal gebeurt. Als de aangooi naar het 1e
honk onderweg is kijk je naar het honk en naar de 1e honkman en de slagman/honkloper.
Als de aangooi doorschiet, of als de slagman de bal verder weg slaat en
door wil gaan naar het 2e honk, dan loop je vóór de slagman
uit naar het 2e honk om daar zonodig een beslissing te nemen.
-
Plaats in het veld bij honken bezet
Je gaat een stukje achter de 2e honkman staan, zodat je de honklopers kan
zien.
Zij moeten het honk immers vasthouden totdat de geworpen bal de thuisplaat
passeert en daar moet je op letten! (Zie U2 in de tekening.)
-
Calls op de honken
Wordt de bal geslagen dan moet je goed naar de veldspeler kijken die de
bal gaat fielden.
Je mag nooit aannemen dat hij naar een bepaald honk gooit en daar al naartoe
gaan, want misschien gooit hij net naar een ander honk!
Dus blijf de bal volgen en pas wanneer de bal is gegooid ga je een paar
stappen mee naar dat honk.
Al zijn het maar twee stappen, je laat zien dat je er met je hoofd bij bent
en dat je je best doet om een goede beslissing te nemen.
Sta wel weer stil voor de actie!
-
Timing calls
Ook hier geldt weer hetzelfde voor de timing.
Je kan pas een beslissing nemen nadat de actie is afgelopen.
Neem rustig een tel de tijd voordat je een beslissing afroept en blijf zolang
stil staan.
 |



|